Surinaamse bami met kip

Als kleine jongen bracht ik mijn vakanties in Suriname voornamelijk door bij mijn overgrootoma, bijnaam Vootje. Ze was een klein streng vrouwtje die de orde handhaafde over alle kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen die daar woonden of op visite kwamen. Op de een of andere manier had ik met haar altijd een connectie; ik gluurde vanuit de deuropening naar haar als ze aan het koken was. Dat Vootje meer naar mij lachte dan naar de andere kinderen betekende niet dat ze mij minder hard aanpakte als ik mij bijvoorbeeld versprak door haar aan te spreken met je in plaats van u. Gevolg; een volle lepel sambal in mijn mond die ik moest doorslikken. Daarna troostte ze me weer en vreemd genoeg waardeerde ik desondanks haar straffen. De andere kinderen zagen haar als grote boe-man maar ik probeerde me altijd in haar in te leven. Zo keek ik naar haar terwijl ze de kip slachtte, de veren plukte, de kip waste en vervolgens marineerde met uitjes, knoflook en zelf gemaakte ketjap. De bereiding van deze maaltijd begon al vroeg in de ochtend en ook al had je geen honger zou de eetlust je vanzelf grijpen op het moment dat de kip in de hete oven ging. Die doordringende geur van geroosterde kip in combinatie met de juiste balans van zoet en hartig was zo verleidelijk dat het stout leek. Op 11 jarige leeftijd ging ik terug naar Suriname want mijn Vootje lag op haar sterfbed. Ik heb haar nog een laatste keer kunnen groeten en ze opende zelfs haar ogen toen ik in het ziekenhuis aankwam. De volgende dag stierf ze. De volgende ochtend begonnen haar dochters met de voorbereiding van de maaltijden. De kippen werden levend gekocht, op het erf geslacht en vervolgens bereid zoals Vootje dat altijd deed. Mijn hart was gebroken, omdat mijn overgrootoma er niet meer was. In de avond was mijn hoofd niet gericht op het eten van een maaltijd, maar toen ik de eerste hap van deze kip met bami nam was ik toch blij dat Vootje dit voor me had achtergelaten. Hieronder deel ik met jullie mijn variant!

Ingrediƫnten

  • 500 gram noodles
  • 2 kipfilets in blokjes gehakt
  • 1 gehakte ui
  • 3 teentjes gehakte knoflook
  • 1 theelepel laos poeder
  • 1 theelepel trassi
  • 7 eetlepels ketjap manis
  • 5 eetlepels zoute soja saus
  • 1 kipbouillon blokje
  • 1 bosje selderij in stukjes gehakt
  • 2 komkommers
  • 2 tomaten
  • zout
  • zwarte peper
  • zonnebloem olie

Stap 1: Kook de noodles in zout water tot ze al dente zijn en spoel ze af met koud water. Verhit een wok tot medium hitte en fruit de ui, knoflook, laos en trassi.

Stap 2: Doe na 2 minuten de blokjes kipfilet erbij en bestrooi met zout en zwarte peper. Controleer of de kip goed gaar is van binnen en voeg de ketjap, soja en bouillonblok toe. Verhoog het vuur in de pan en voeg de noodles toe. Blijf roeren tot de bami de kleur van de soja en ketjap goed heeft opgenomen.

Stap 3: Voeg de selderij toe en bak alles nog een half minuutje op hoog vuur. Serveer dit gerecht met in stukken gesneden tomaten, komkommer, kroepoek en pindasaus.

No comments yet.

Geef een reactie